A    X
Omgaan met gevaarlijke stoffen
Veilig hijsen
Veilig werken met de vorkheftruck
Logistiek in het carrosseriebouwb
Communicatie met klanten
Leidinggeven

B 

Deelbranche: Carrosseriebouw

Magazijnchef

Branchekwalificaties

    • Omgaan met gevaarlijke stoffen
      • Initiatiefnemer: OOC
        Branchetoetsdocument

        Kennis testen met demotoets
      • Herkennen van gevaarlijke stoffen
        • De deelnemer kan gevaarlijke stoffen herkennen aan de hand van het etiket of informatiebladen/gegevens over deze stof.

        • De deelnemer weet wat wordt verstaan onder H, R, P en S-zinnen en kan daar ook als zodanig naar handelen.

        • De deelnemer kent de betekenis van de toegepaste gevaarsymbolen/pictogrammen voor gevaarlijke stoffen en kan daar ook als zodanig naar handelen.

        • De deelnemer kent de chemische kenmerken van gevaarlijke stoffen in relatie tot veiligheid, gezondheid en milieu.

      • Omgang met gevaarlijke stoffen
        •  

          De deelnemer weet welke wettelijke richtlijnen en regels er zijn ten aanzien van opslag van gevaarlijke stoffen, waar hij die vandaan kan halen, hoe deze stoffen moeten wordne opgeslagen en kan daar ook als zodanig naar handelen.

        • De deelnemers weet hoe hij op basis van de gegeven veiligheidsinformatie moet omgaan met gevaarlijke stoffen en kan daar ook als zodanig naar handelen.

        • De deelnemer weet waaraan de maximaal toelaatbare concentraties van gevaarlijke stoffen kunnen worden afgelezen.

        • De deelnemer weet hoe te handelen in geval van calamiteiten met gevaarlijke stoffen en kan daar ook als zodanig naar handelen.

        • De deelnemer weet waar en hoe de veiligheidsinformatie met betrekking tot de omgang met gevaarlijke stoffen wordt vastgelegd in de risico inventarisatie & evaluatie (RI&E))

        • De deelnemer kent de arbeidshygiënische volgorde waarin werknemers beschermd moeten worden tegen risicovolle arbeidsomstandigheden en kan hier als zodanig naar handelen.

      • (persoonlijke) beschermingsmaatregelen
        • De deelnemer kent de diverse persoonlijke beschermingsmiddelen die toegepast kunnen worden in de eigen werkomgeving.

        • De deelnemer kent de codering gebruikt op PBM’s en kan deze als zodanig toepassen.

        • De deelnemer weet welke persoonlijke beschermingsmiddelen ingezet moeten worden bij gebruik van bepaalde materialen/stoffen, hoe deze toegepast moeten worden en past deze ook als zodanig toe.

        • De deelnemer kent de maatregelen die getroffen moeten worden om veilig en gezond te kunnen werken met gevaarlijke stoffen.

        • De deelnemer kent de uit de RI&E voortvloeiende verplichting met betrekking tot voorlichting en onderricht in de omgang met gevaarlijke stoffen.

    • Veilig hijsen
      • Initiatiefnemer: OOC


    • Veilig werken met de vorkheftruck
      • Initiatiefnemer: OOC


    • Logistiek in het carrosseriebouwbedrijf
      • Initiatiefnemer: OOC


    • Communicatie met klanten (Communicatie en klantrelatie)
      • Initiatiefnemer: OOC
        Branchetoetsdocument

      • Communiceren met klanten
        • De deelnemer kent de voorwaarden voor succesvolle communicatie met de klant en kan deze toepassen: luisteren/lezen, woordkeuze/non-verbaal/houding, stemgebruik/zinsopbouw, vragen stellen/beantwoorden, aandacht geven/klant centraal stellen.

        • De deelnemer kan zich presenteren als deskundige en ambassadeur van het bedrijf, vertrouwen wekken, en de klant ontzorgen.

        • De deelnemer kan kansen (voortijdig) signaleren en benutten.

        • De deelnemer kan de klant informatie en advies geven die is afgestemd op het klanttype: dominant/extravert, dominant/introvert, subdominant/extravert, subdominant/introvert.

        • De deelnemer kan afspraken maken: Formulering en inhoud afstemmen op de gesprekspartner, reële verwachtingen scheppen, afspraken maken met betrekking tot de opdracht.

        • De deelnemer kan klachten van klanten (voortijdig) signaleren, voorkomen, behandelen, oplossen: Afwegingen maken tussen het belang van de klant en het belang van het bedrijf, voorkomen van discussie, gedrag naar de klant.

        • De deelnemer kan omgaan met conflicten en escalaties voorkomen.

    • Leidinggeven
      • Initiatiefnemer: OOC
        Branchetoetsdocument

      • Leidinggeven
        • De deelnemer kan medewerkerstypes herkennen (actief/reflectief, taakgericht/resultaatgericht).

        • De deelnemer kan de samenstelling van een medewerkersteam onderkennen en kan hierop anticiperen/mee omgaan.

        • De deelnemer kan de cohesie binnen een team realiseren, behouden en versterken (teambuilding).

        • De deelnemer kan doelstellingen bepalen en/of vertalen naar de werkvloer en kan hier op sturen.

        • De deelnemer kan onderscheid maken wat belangrijk of urgent is, kan prioriteiten stellen en activiteiten realistisch inplannen (timemanagement).

        • De deelnemer kan de juiste werkzaamheden en taken delegeren aan de juiste mensen (afgestemd op hun competenties).

        • De deelnemer kan medewerkers motiveren, stimuleren, feedback geven.

        • De deelnemer kan medewerkers coachen in hun leercurve bij het aanleren van nieuwe taken (situationeel leiderschap).

        • De deelnemer kan medewerkers begeleiden in hun inzetbaarheid (situationeel leiderschap).

        • De deelnemer kan gedrag en houding van medewerkers beïnvloeden/veranderen/bevorderen.